ECLI:NL:RBUTR:2010:BL3362
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot opmaken ontbrekende geboorteaktes van minderjarigen
De rechtbank Utrecht behandelde een verzoek van de officier van justitie tot aanvulling van de registers van de burgerlijke stand met ontbrekende geboorteaktes van drie minderjarige kinderen. De zaak betrof het opmaken van geboorteaktes voor [kind 1], [kind 2] en [kind 3], die geen geboorteakte hadden en voor zover bekend geen juridische vader hadden.
Tijdens de zitting werd duidelijk dat de moeder en de gezinsvoogd het in het belang van de kinderen achten dat de geboorteaktes worden opgemaakt, zodat zij onder meer kunnen worden ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie en zich kunnen verzekeren. De ambtenaar van de burgerlijke stand erkende het spoedeisende belang, vooral voor [kind 1] en haar ongeboren kind.
De rechtbank stelde vast dat er voldoende bewijs was voor de geboortes van [kind 2] en [kind 3] op basis van ziekenhuisverklaringen. Voor [kind 1], die niet in het ziekenhuis was geboren, werd het verzoek toegewezen op basis van de verklaring van de moeder, een doopbewijs en medische brieven, ondanks dat de verblijfplaats van [kind 1] onbekend is.
De rechtbank benadrukte het belang van het recht op identiteit zoals verankerd in het IVRK en oordeelde dat het belang van het opmaken van de geboorteakte voorop staat, ook als de gegevens niet met absolute zekerheid kunnen worden vastgesteld. De beschikking gelastte de ambtenaren van de burgerlijke stand van Utrecht en Amsterdam om de geboorteaktes op te maken en in te schrijven.
Uitkomst: Verzoek tot opmaken en inschrijven van geboorteaktes van drie minderjarigen wordt toegewezen.