ECLI:NL:RBUTR:2009:BN6330
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.A.M.E. van der Burg-van Geest
- J. Sap
- P. Dondorp
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter-commissaris wegens vermeende vooringenomenheid
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter-commissaris die belast was met zijn strafzaak, stellende dat deze de schijn van vooringenomenheid wekte door een vooringenomen verzoek aan het NIFP. Volgens verzoeker zou de rechter-commissaris onvolledig en sturend hebben gehandeld door uit te gaan van detentiegeschiktheid zonder zijn verzoek om nader onderzoek te honoreren.
De rechtbank heeft het wrakingsverzoek inhoudelijk beoordeeld aan de hand van artikel 512 Sv Pro en artikel 6 EVRM Pro, waarbij werd vastgesteld dat een rechter vermoed wordt onpartijdig te zijn tenzij uitzonderlijke omstandigheden het tegendeel aantonen. Er is geen bewijs van persoonlijke vooringenomenheid gevonden.
De rechtbank oordeelde dat de rechter-commissaris haar beslissing over detentiegeschiktheid reeds had genomen en dat het verzoek om nader onderzoek niet hoefde te worden beantwoord met een expliciete afwijzing. De mededeling aan het NIFP dat de verdachte detentiegeschikt werd geacht, was niet sturend voor het onderzoek naar bijzondere zorgbehoefte.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en de strafzaak voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van de schorsing vanwege het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris is afgewezen en de strafzaak wordt voortgezet.