ECLI:NL:RBUTR:2009:BM1863
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Procedure over machtiging voor vertegenwoordiging minderjarige in aansprakelijkheidszaak
In deze civiele procedure vorderen eisers namens hun minderjarige zoon schadevergoeding van de zoon van gedaagden wegens een incident op school waarbij ernstig letsel werd toegebracht. De zoon van gedaagden werd door de kinderrechter veroordeeld voor mishandeling, maar deels vrijgesproken in hoger beroep.
De procedure omvat een hoofdzaak en twee vrijwaringszaken tegen Fortis ASR Schadeverzekering N.V. en Stichting Openbaar Voortgezet Onderwijs Utrecht. De rechtbank stelt vast dat zowel eisers als gedaagden als wettelijk vertegenwoordigers van hun minderjarige zonen een machtiging van de kantonrechter nodig hebben om namens hun zoon te procederen. Deze machtiging ontbreekt bij beide partijen.
De rechtbank wijst erop dat het ontbreken van de machtiging niet automatisch tot niet-ontvankelijkheid leidt, omdat deze nog tijdens het geding kan worden verkregen. Daarom worden partijen in de gelegenheid gesteld de machtiging te verkrijgen en over te leggen. De verdere behandeling van de zaak wordt aangehouden totdat deze formaliteit is vervuld.
Het vonnis is gewezen door mr. M.E. Heinemann en op 4 november 2009 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan om partijen in de gelegenheid te stellen een machtiging te verkrijgen om namens minderjarige te procederen.