ECLI:NL:RBUTR:2009:BK8010
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vernietiging besluit ontzetting lidmaatschap moskeevereniging
De zaak betreft het beroep van een lid tegen het besluit van het bestuur van de Moskeevereniging Masjid El Fath om hem uit het lidmaatschap te ontzetten wegens bedreiging en intimidatie. Het bestuur had dit besluit genomen na meerdere incidenten waarbij het lid zich agressief en bedreigend zou hebben gedragen. De algemene ledenvergadering heeft dit bestuursbesluit vervolgens bekrachtigd.
De rechtbank toetst het besluit marginaal aan de redelijkheid en billijkheid zoals neergelegd in artikel 2:15 lid 1 sub b en Pro artikel 2:8 BW Pro. Hierbij wordt rekening gehouden met het democratische karakter van de vereniging en de belangenafweging tussen het individuele lid en de vereniging als geheel. Het lid betwist de bedreigingen, maar partijen hebben tegenstrijdige verklaringen over en weer ingediend.
De rechtbank oordeelt dat het besluit van de algemene ledenvergadering, waarbij een ruime meerderheid voor ontzetting stemde, niet onredelijk of onbillijk is. Het individuele belang van het lid weegt niet zwaarder dan het belang van de vereniging bij het handhaven van orde en rust. Het beroep op schending van hoor en wederhoor faalt omdat het lid voldoende gelegenheid heeft gehad zijn verweer te voeren.
De primaire vordering tot vernietiging van het besluit van de algemene ledenvergadering en de subsidiaire vordering tot vernietiging van het bestuursbesluit worden afgewezen. Het lid wordt veroordeeld in de proceskosten. Hiermee blijft het besluit tot ontzetting in stand en wordt het lidmaatschap niet hersteld.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen tot vernietiging van het besluit tot ontzetting af en bevestigt het besluit van de algemene ledenvergadering.