ECLI:NL:RBUTR:2009:BK7491
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kinderrechter in ondertoezichtstelling zaak
De rechtbank Utrecht behandelde een wrakingsverzoek van verzoeker tegen de kinderrechter mr. X, die betrokken was bij een procedure over verlenging van de ondertoezichtstelling van zijn minderjarige kinderen. Verzoeker stelde dat de rechter vooringenomen was omdat zij tijdens de zitting van 15 december 2009 niet direct op zijn verzoek tot schorsing had beslist, waardoor volgens hem geen eerlijk proces mogelijk was.
De rechtbank onderzocht of er sprake was van persoonlijke vooringenomenheid of objectieve feiten die twijfel aan de onpartijdigheid van de rechter rechtvaardigden. Uit het proces-verbaal bleek dat de rechter zich juist wilde beraden en niet vooruitliep op een beslissing, en dat er geen sprake was van schending van het hoor en wederhoor beginsel.
De rechtbank concludeerde dat er geen zwaarwegende aanwijzingen waren voor vooringenomenheid of schijn van partijdigheid. Ook was niet gebleken dat de rechter beschikte over stukken waar verzoeker geen kennis van had kunnen nemen. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de procedure kon worden voortgezet in de stand waarin deze was gebleven.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kinderrechter wordt afgewezen en de procedure wordt voortgezet.