ECLI:NL:RBUTR:2009:BK4705
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen T&A wegens voorwaardelijke en ongeldige inschrijving bij onderhandse aanbesteding
De Provincie Utrecht schreef een onderhandse aanbesteding uit voor een geothermieonderzoek, waarbij T&A en IF/TNO inschreven. De opdracht werd gegund aan IF/TNO, waarna T&A bezwaar maakte tegen de gunning wegens vermeende onrechtmatigheid en ongeldigheid van de inschrijving van IF/TNO. De Provincie trok de eerste offerteprocedure in en startte een tweede procedure. T&A vorderde in kort geding dat de tweede procedure werd afgebroken en dat de opdracht alsnog aan haar werd gegund op basis van haar inschrijving in de eerste procedure.
De rechtbank oordeelde dat T&A's inschrijving een voorwaardelijke inschrijving betrof, omdat zij afweek van de Inkoopvoorwaarden van de Provincie Utrecht, met name inzake betalingscondities en aansprakelijkheid voor vertraging. Dit maakte haar inschrijving ongeldig. Hierdoor had T&A geen belang bij haar vorderingen, waaronder het verbod op gunning aan een ander dan T&A en het afbreken van de tweede procedure.
De rechtbank wees de vorderingen van T&A af en veroordeelde haar in de proceskosten. De beslissing berustte op de algemene verbintenissenrechtelijke regels en het aanbestedingsrechtelijke gelijkheids- en transparantiebeginsel, waarbij voorwaardelijke inschrijvingen buiten beschouwing moeten worden gelaten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van T&A af wegens een voorwaardelijke en daarmee ongeldige inschrijving.