ECLI:NL:RBUTR:2009:BK4622
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J.P. Schotman
- J.M. Bruins
- M.P. Gerrits-Janssens
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot doodslag met terbeschikkingstelling wegens verminderd toerekeningsvatbaarheid
De rechtbank Utrecht heeft op 3 augustus 2009 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van poging tot doodslag op het slachtoffer. Verdachte had bewust zijn medicatie niet ingenomen, waardoor hij in een psychotische toestand verkeerde en met een mes het slachtoffer in het gezicht stak. De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte opzettelijk handelde en verwierp het verweer van de verdediging dat sprake was van afwezigheid van opzet of volledige ontoerekeningsvatbaarheid.
Psychiater en psycholoog concludeerden dat verdachte leed aan een schizoaffectieve stoornis en borderlinepersoonlijkheidsstoornis, waardoor hij sterk verminderd toerekeningsvatbaar was. De rechtbank nam deze conclusies over en legde naast een gevangenisstraf van negen maanden ook een maatregel van terbeschikkingstelling met dwangverpleging op, vanwege het gevaar dat verdachte voor anderen oplevert.
De benadeelde partij vorderde een schadevergoeding van € 2.000,-, waarvan de rechtbank € 1.800,- toewijst voor immateriële schade. Verdachte werd tevens veroordeeld tot betaling van deze schadevergoeding, met een vervangende hechtenis bij niet-betaling. Het in beslag genomen mes werd verbeurd verklaard. De rechtbank sprak verdachte vrij van overige ten laste gelegde feiten en verklaarde hem strafbaar voor het bewezen verklaarde misdrijf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot negen maanden gevangenisstraf en terbeschikkingstelling met dwangverpleging wegens poging tot doodslag met verminderd toerekeningsvatbaarheid.