ECLI:NL:RBUTR:2009:BK4484

Rechtbank Utrecht

Datum uitspraak
25 november 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
256888 / HA ZA 08-2190
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 195 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling aanvullend voorschot deskundigenkosten door eiseres als voorfinancier

In deze civiele zaak verzocht de deskundige om een aanvullend voorschot van EUR 714,- vanwege onderbreking van zijn onderzoek, veroorzaakt door verplichtingen van de gedaagde partij. Eiseres, IMABO, maakte bezwaar tegen deze extra kosten en stelde dat de gedaagden hiervoor verantwoordelijk zijn.

De rechtbank stelde vast dat partijen geen bezwaar hadden tegen de hoogte van het voorschot, maar dat IMABO als eiseres ingevolge artikel 195 Rv Pro. als voorfinancier van de deskundigenkosten optreedt. Dit betekent dat zij het voorschot moet betalen, ook al is de uiteindelijke kostenverdeling nog niet vastgesteld.

Het eindvonnis zal bepalen welke partij uiteindelijk de kosten draagt, waarbij rekening gehouden kan worden met de oorzaken van de extra kosten. Het bezwaar van IMABO tegen het aanvullende voorschot werd daarom ongegrond verklaard en zij werd verplicht het voorschot binnen twee weken te voldoen.

Uitkomst: Eiseres is gehouden het aanvullende voorschot van EUR 714,- voor deskundigenkosten te betalen.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK UTRECHT
Sector handels- en familierecht
zaaknummer / rolnummer: 256888 / HA ZA 08-2190
Vonnis van 25 november 2009
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BOUWMATERIALENHANDEL NIEUWEGEIN BV,
mede handelend onder de naam IMABO Nieuwegein,
gevestigd te Nieuwegein,
eiseres,
advocaat mr. E.G.M. van den Heuvel,
tegen
1. [gedaagde sub 1],
wonende te [woonplaats],
2. [gedaagde sub 2],
wonende te [woonplaats],
gedaagden,
advocaat mr. B.E.H. Zwezerijnen.
Partijen zullen hierna IMABO en [gedaagden c.s.] genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
- de brief van 1 oktober 2009 waarin de deskundige om een aanvullend voorschot van EUR 714,- (inclusief BTW) heeft verzocht;
- de brief van 27 oktober 2009 waarin de griffier IMABO heeft verzocht dit aanvullende voorschot te voldoen;
- de brief van 29 oktober 2009 waarin IMABO bezwaar maakt tegen het aanvullende voorschot;
- de brief van 2 november 2009 van [gedaagden c.s.]
2. De beoordeling
2.1. In zijn brief van 1 oktober 2009 geeft de deskundige drs. [X]l aan dat het technische gedeelte van het onderzoek van 22 september 2009 onderbroken moest worden, omdat [gedaagden c.s.] verplichtingen elders had. Het onderzoek moet volgens [X] worden voortgezet. Als gevolg daarvan moet apparatuur opnieuw worden gehuurd en zal de tijdsbesteding hoger uitvallen dan initieel begroot, hetgeen extra kosten meebrengt.
2.2. IMABO stelt zich op het standpunt dat [gedaagden c.s.] de extra kosten voor het deskundigenonderzoek moet dragen, omdat het aan hem te wijten is dat het onderzoek moet worden voortgezet.
2.3. Volgens [gedaagden c.s.] moeten de kosten van het deskundigenonderzoek voor rekening van IMABO blijven, onder meer omdat de rechtbank heeft geoordeeld dat IMABO gehouden is het voorschot te betalen en verdeling van de kosten pas op een later moment aan de orde is.
2.4. De rechtbank stelt vast dat partijen op zichzelf geen bezwaar hebben tegen de hoogte van het aanvullende voorschot.
2.5. In haar mondelinge vonnis van 19 maart 2009 heeft de rechtbank bepaald dat IMABO als eiseres gehouden is het voorschot van de kosten van de deskundige te betalen. Met haar bezwaar miskent IMABO dat zij ingevolge artikel 195 Rv Pro. als voorfinancier optreedt van deze kosten. De vraag welke partij uiteindelijk deze kosten zal moeten dragen, zal in het te wijzen eindvonnis beantwoord moeten worden. Hierbij zal tevens rekening gehouden kunnen worden met de oorzaken die ertoe hebben geleid dat de deskundige genoodzaakt was zijn onderzoek tegen extra kosten voort te zetten. Het bezwaar van IMABO is dan ook ongegrond.
3. De beslissing
De rechtbank
3.1. stelt de hoogte van het aanvullende voorschot op de kosten van de deskundige vast op EUR 714,00 (inclusief BTW),
3.2. bepaalt dat IMABO het aanvullende voorschot binnen twee weken na de datum van dit vonnis dient te voldoen.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.E. Heinemann en in het openbaar uitgesproken op 25 november 2009.
MaH/SvdH