ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ8999
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Ch.E. Bethlem
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bemiddeling en schending artikel 82 Wtk 1992 door bemiddelaar in investeringsproject
De zaak betreft een geschil tussen twee investeerders en een bemiddelaar met zijn vennootschap over een investeringsproject in Duitsland. De investeerders stelden dat de bemiddelaar onrechtmatig handelde door zonder vergunning geld van het publiek aan te trekken en te bemiddelen, in strijd met artikel 82 Wtk Pro 1992. Tevens werd gesteld dat de bemiddelaar onjuiste zekerheden had voorgespiegeld.
De rechtbank stelde vast dat de bemiddelaar bedrijfsmatig heeft bemiddeld in het aantrekken van gelden van het publiek zonder de vereiste vergunning. De investeerders hadden hun inleg verloren doordat terugbetaling niet plaatsvond. De rechtbank oordeelde dat de bemiddelaar onrechtmatig had gehandeld en aansprakelijk was voor de schade.
Tegelijkertijd werd geoordeeld dat de investeerders deels eigen schuld hadden, omdat zij ondanks twijfel toch investeerden zonder voldoende verificatie van zekerheden. Daarom werd de schadevergoeding met 50% verminderd. De vorderingen tot informatieverstrekking werden afgewezen wegens gebrek aan belang.
De rechtbank veroordeelde de bemiddelaar en zijn vennootschap hoofdelijk tot betaling van respectievelijk €20.000 en €50.000 plus wettelijke rente en proceskosten aan de investeerders.
Uitkomst: Bemiddelaar en vennootschap worden veroordeeld tot betaling van gedeeltelijke schadevergoeding en kosten wegens onrechtmatige bemiddeling zonder vergunning.