ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ5606
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt over toestemming en bewijs bij geldoverschrijving en lening
In deze civiele procedure stond centraal of gedaagde zonder toestemming van eiseres geld van haar rekeningen had overgeschreven en gepind, en of hij haar een lening van €29.000,- had verstrekt.
Eiseres slaagde erin te bewijzen dat zij geen toestemming had gegeven voor de overschrijving van €11.000,- van haar Postbankrekening naar de rekening van gedaagde. De rechtbank baseerde dit op inconsistenties in de handtekeningen en het gebruikelijke betalingsgedrag van eiseres. Voor het pinnen van €2.600,- bij Van Lanschot werd echter geoordeeld dat eiseres gedaagde wel toestemming had gegeven, omdat zij hem de pincode had verstrekt.
Gedaagde kon niet aannemelijk maken dat hij aan eiseres een lening van €29.000,- had verstrekt. De verklaringen van getuigen waren gebaseerd op zijn mededelingen en niet op eigen waarneming, en er waren tegenstrijdigheden in de verklaringen. De rechtbank wees de reconventionele vorderingen van gedaagde af en veroordeelde hem tot betaling van €11.000,- plus wettelijke rente aan eiseres.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €11.000,- met rente aan eiseres; lening van €29.000,- wordt afgewezen.