ECLI:NL:RBUTR:2009:BI4045
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in familierechtelijke procedure
In een familierechtelijke procedure tussen ex-echtgenoten over hun dochter heeft verzoekster een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die de zaak behandelde. Verzoekster stelde dat de rechter onpartijdigheid had geschonden door de Raad voor de Kinderbescherming om advies te vragen zonder dat deze over alle stukken beschikte.
De rechtbank overwoog dat verzoekster naliet de stukken tijdig aan de Raad te sturen en dat de rechter procesreglementair juist handelde door geen leespauze toe te staan. Beide partijen kregen voldoende gelegenheid hun standpunten te presenteren, en er was geen sprake van schending van hoor en wederhoor.
De rechtbank concludeerde dat er geen objectieve feiten waren die een gegronde vrees voor vooringenomenheid van de rechter rechtvaardigden. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de procedure werd voortgezet zoals die was voor de wraking.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens onvoldoende aanwijzingen voor vooringenomenheid.