ECLI:NL:RBUTR:2008:BG9245
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.E. Verschoor
- Z.J. Oosting
- A.G. Bakker
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot tenuitvoerlegging gevangenisstraf in Nederland na veroordeling in Bolivia wegens vervoer van gecontroleerde stoffen
De rechtbank Utrecht behandelde op 5 september 2008 de vordering van de officier van justitie tot het verlenen van verlof tot tenuitvoerlegging in Nederland van een gevangenisstraf die in Bolivia was opgelegd aan de veroordeelde wegens vervoer van gecontroleerde stoffen.
De rechtbank stelde vast dat aan alle formele vereisten was voldaan en dat de tenuitvoerlegging toelaatbaar was op grond van het Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen en de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen. De rechtbank oordeelde dat het feit strafbaar is volgens Nederlandse wetgeving en dat de veroordeelde strafbaar is, zonder verzachtende omstandigheden.
De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit en internationale gevoeligheden, maar vond de oorspronkelijke straf van 8 jaar in Bolivia te hoog voor volledige tenuitvoerlegging in Nederland. Daarom stelde zij een gevangenisstraf van 4 jaar, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, passend. Hierbij werd de tijd in detentie in Bolivia en Nederland in mindering gebracht.
De persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde, waaronder zijn motivatie en behandeling in een kliniek, werden meegewogen. De rechtbank verleende het verlof en hief het bevel tot bewaring op.
Uitkomst: Verlof verleend voor tenuitvoerlegging in Nederland van een gevangenisstraf van 4 jaar waarvan 6 maanden voorwaardelijk.