ECLI:NL:RBUTR:2008:BG6663
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- H.J. Schepen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek mondelinge behandeling in beroepsprocedure tuchtzaak KNVB-speler
De speler van G.V.V.V. 1 werd door de KNVB Tuchtcommissie geschorst voor twee maanden wegens het geven van een elleboogstoot tijdens een wedstrijd tegen Spakenburg 1. De speler ging in beroep bij de Commissie van Beroep van de KNVB en verzocht om een mondelinge behandeling, welke werd geweigerd. De Commissie bevestigde de schorsing op basis van schriftelijke verklaringen, waaronder die van de scheidsrechter.
In kort geding stelde de speler dat de Commissie van Beroep het fundamentele recht op hoor en wederhoor had geschonden door geen mondelinge behandeling te gelasten. De rechtbank oordeelde dat het reglement van de KNVB bepaalt dat een mondelinge behandeling slechts plaatsvindt indien de commissie dit wenselijk acht, en dat de voorwaarden voor het verplicht gelasten van een mondelinge behandeling niet waren vervuld.
De rechtbank concludeerde dat de schriftelijke verklaringen voldoende waren en dat er geen twijfel bestond over de waarneming van de scheidsrechter. Ook het verzoek van de speler en de ernst van de straf waren onvoldoende om een mondelinge behandeling te verplichten. De vorderingen van de speler werden afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek om een mondelinge behandeling af en bevestigt de schorsing van twee maanden.