ECLI:NL:RBUTR:2008:BG6466
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verdeling gemeenschappelijke schulden en kredieten na echtscheiding onder huwelijkse voorwaarden
Partijen, gehuwd onder huwelijkse voorwaarden, zijn na hun echtscheiding in geschil geraakt over de verdeling van gemeenschappelijke zaken, waaronder de overwaarde van de voormalige echtelijke woning, een consumptief krediet bij de Postbank en een flexibel krediet bij de ABN Amro.
De rechtbank oordeelt dat de kosten van de woning tot aan de verkoop door beide partijen gezamenlijk gedragen dienen te worden, waardoor de vordering van eiseres voor de helft van de achterstallige hypotheeklasten wordt afgewezen. Ten aanzien van het consumptief krediet stelt de rechtbank vast dat partijen ieder voor de helft aansprakelijk zijn en wijst een deel van de vordering toe aan eiseres.
Voor het flexibel krediet kan de rechtbank niet vaststellen dat het volledige bedrag aan gedaagde is betaald. Daarom wordt de zaak naar de rol verwezen om gedaagde in de gelegenheid te stellen bankafschriften te overleggen ter onderbouwing van zijn stellingen. De verdere beslissing wordt aangehouden totdat deze stukken zijn ingebracht en beoordeeld.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering toe voor het consumptief krediet en wijst de vordering voor de hypotheeklasten af; de beslissing over het flexibel krediet wordt aangehouden voor nadere bewijslevering.