ECLI:NL:RBUTR:2008:BF5160
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toelating werknemer tot werkzaamheden na non-actiefstelling niet gerechtvaardigd
De werknemer, werkzaam als apothekersassistente bij Apotheek Bisonspoor, werd non-actief gesteld wegens vermeende verstoorde arbeidsverhoudingen. De werkgever stelde dat de relatie met de apothekers ernstig verstoord was en dat terugkeer van de werknemer spanningen zou veroorzaken. De werknemer betwistte dit en wilde haar werkzaamheden hervatten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat voor een non-actiefstelling een zwaarwegende en aan de werknemer medegedeelde redelijke grond vereist is, welke hier niet aannemelijk was gemaakt. Er was geen onhoudbare situatie waarvoor geen andere oplossing mogelijk was dan de non-actiefstelling. Bovendien had geen inhoudelijk gesprek plaatsgevonden over de situatie.
De rechtbank veroordeelde Apotheek Bisonspoor de werknemer toe te laten tot haar werkzaamheden vanaf 11 november 2008, na de geplande mondelinge behandeling van het ontbindingsverzoek. Tevens werd een dwangsom opgelegd voor het geval de werkgever niet aan dit vonnis voldoet.
De vordering tot toelating werd toegewezen, het subsidiaire verzoek werd niet behandeld. De werkgever werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Apotheek Bisonspoor moet de werknemer vanaf 11 november 2008 toelaten tot haar werkzaamheden onder dreiging van een dwangsom.