ECLI:NL:RBUTR:2008:BD9875
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- M. van Delft-Baas
- Rechtspraak.nl
Gemeente Utrecht onrechtmatig bij voorlopige gunning speeltoestellen op basis van PEFC-certificaat
De Gemeente Utrecht schreef een Europese aanbesteding uit voor de levering van speeltoestellen van FSC-gecertificeerd hout. Lappset bood speeltoestellen aan met een Fins PEFC-certificaat, dat volgens de gemeente gelijkwaardig zou zijn aan FSC. Kompan en Eibe Benelux, beide met FSC-certificering, stelden dat de gemeente onrechtmatig handelde door de voorlopige gunning aan Lappset te verlenen.
De rechtbank onderzocht of de gemeente op grond van de door Lappset aangeleverde documentatie redelijkerwijs kon oordelen dat het PEFC-keurmerk gelijkwaardig was aan FSC. De rechtbank concludeerde dat de gemeente onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de gelijkwaardigheid was aangetoond, mede gelet op het Savcor-onderzoek dat in opdracht van boseigenaren was uitgevoerd en niet als onafhankelijk kon worden beschouwd.
Verder oordeelde de rechtbank dat de gemeente het vertrouwensbeginsel niet had geschonden door haar standpunt over de gelijkwaardigheid aan te passen binnen de aanbestedingsprocedure. De voorlopige gunning aan Lappset werd echter onrechtmatig bevonden omdat Lappset zelf niet PEFC-gecertificeerd was en de gelijkwaardigheid niet was aangetoond.
De rechtbank verbood de gemeente de opdracht aan Lappset te gunnen en veroordeelde haar in de proceskosten. De gevorderde herbeoordeling van de inschrijvingen werd afgewezen omdat het kort geding zich niet leent voor een inhoudelijke beoordeling van gelijkwaardigheid van certificaten.
Uitkomst: De rechtbank verbiedt de gemeente Utrecht de opdracht aan Lappset te gunnen wegens onvoldoende aannemelijke gelijkwaardigheid van het PEFC-keurmerk met FSC.