ECLI:NL:RBUTR:2008:BD1148
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Wassing
- M.P. Gerrits-Janssens
- W.P.H. Pronk
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor tweemaal feitelijke aanranding van de eerbaarheid
De rechtbank Utrecht heeft op 29 april 2008 verdachte veroordeeld voor twee feiten van feitelijke aanranding van de eerbaarheid. Het eerste feit vond plaats op 30 november 2004 te IJsselstein, waarbij verdachte een minderjarig meisje dwong tot het dulden van ontuchtige handelingen, waaronder het omhoogdoen van haar rok en betasten van haar schaamstreek. Het tweede feit vond plaats op 9 januari 2007 te Benschop, waarbij verdachte een ander minderjarig meisje betastte aan haar borsten en schaamstreek.
De bewezenverklaring is gebaseerd op verklaringen van de slachtoffers en de bekentenis van verdachte. De rechtbank achtte de strafbaarheid van de feiten en verdachte bewezen, zonder omstandigheden die strafuitsluiting rechtvaardigen. Bij de strafoplegging werd rekening gehouden met de ernst van de feiten, de impact op de slachtoffers en de persoon van verdachte, waaronder een psychologisch rapport dat verminderde toerekeningsvatbaarheid concludeerde.
De rechtbank legde een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden op met een proeftijd van twee jaar en een taakstraf van 100 uur. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €560 aan een van de slachtoffers. De rechtbank wees een deel van de schadevordering af wegens gebrek aan causaal verband met het bewezenverklaarde feit.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden, een taakstraf van 100 uur en betaling van €560 schadevergoeding.