ECLI:NL:RBUTR:2008:BD1068
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot ontzetting uit tijdelijke voogdij en ondertoezichtstelling van een driejarig meisje
De rechtbank Utrecht behandelde het verzoek tot ontzetting van de pleegmoeder uit de tijdelijke voogdij van een driejarig Belgisch meisje, alsmede het verzoek tot ondertoezichtstelling en een omgangsregeling. De feiten betreffen een complexe gezinssituatie met draagmoederschap, waarbij het kind na geboorte bij pleegouders is geplaatst en de biologische ouders een verbitterde strijd voeren over de voogdij en omgang.
De rechtbank concludeert dat niet is voldaan aan de wettelijke gronden voor ontzetting uit de voogdij. Wel is er sprake van ernstige zorgen over de ontwikkeling van het kind door de spanningen rondom het gezin en de media-aandacht, waardoor ondertoezichtstelling noodzakelijk is. De pleegouders worden opgeroepen mee te werken aan hulpverlening.
Verzoekers worden niet-ontvankelijk verklaard in hun verzoek tot vaststelling van een omgangsregeling, omdat er geen nauwe persoonlijke betrekking tussen hen en het kind bestaat. De rechtbank benadrukt het belang van het kind en de hechting aan de pleegouders, en wijst het verzoek tot ontzetting af maar stelt het kind onder toezicht voor de duur van een jaar.
Uitkomst: Verzoek tot ontzetting uit de tijdelijke voogdij afgewezen, kind onder toezicht gesteld, verzoek tot omgangsregeling niet-ontvankelijk verklaard.