ECLI:NL:RBUTR:2008:BD0120
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.K.J. van den Boom
- L.M.G. de Weerd
- W.P.H. Pronk
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplichtigheid en mensenhandel met minderjarige meisjes
De rechtbank Utrecht heeft verdachte veroordeeld voor medeplichtigheid aan het plegen van seksuele handelingen met minderjarige meisjes en mensenhandel jegens personen onder de achttien jaar. Verdachte ronselde meisjes die tegen betaling seksuele handelingen verrichtten met een medeverdachte. De feiten vonden plaats tussen september 2005 en augustus 2007 in Utrecht en Den Haag.
De rechtbank baseerde zich op verklaringen van slachtoffers, politieprocessen-verbaal en chatberichten. Slachtoffers waren tussen de twaalf en vijftien jaar oud en werden door verdachte en medeverdachte gedwongen tot seksuele handelingen, waarbij verdachte haar woning ter beschikking stelde. Verdachte ontving geld van de meisjes en gaf opdrachten om een deel hiervan af te dragen.
Verdachte voerde psychische overmacht aan wegens een vermeende verkrachting en bedreigingen door de medeverdachte, maar dit verweer werd verworpen wegens gebrek aan bewijs. De rechtbank achtte verdachte strafbaar en legde een gevangenisstraf van 12 maanden op, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden omtrent reclassering en behandeling.
Daarnaast werden aan de slachtoffers immateriële schadevergoedingen toegekend, variërend van €1000 tot €2000 per slachtoffer, met de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van de slachtoffers. Verdachte werd ook veroordeeld tot betaling van deze bedragen, met de mogelijkheid tot vervangende hechtenis bij niet-betaling.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, en tot betaling van schadevergoedingen aan slachtoffers.