ECLI:NL:RBUTR:2008:BC9991
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling openstaande facturen en afwijzing schadevergoeding wegens gebrekkige werkzaamheden
De rechtbank Utrecht behandelde een incassozaken waarbij eiser werkzaamheden en goederen leverde aan de commanditaire vennootschap [gedaagde sub 1]. Deze vennootschap en haar beherend vennoot [gedaagde sub 2] werden door eiser aangesproken voor betaling van onbetaalde facturen ter waarde van EUR 14.521,55.
De gedaagden voerden verweer met een beroep op opschorting van betaling wegens klachten van klanten over de werkzaamheden van eiser. De rechtbank oordeelde dat hoewel klachten waren gemeld, deze tekortkomingen uiteindelijk waren hersteld, waardoor opschorting niet gerechtvaardigd was. Daarnaast werd het beroep op opschorting op grond van artikel 6:262 BW Pro niet gehonoreerd omdat er geen tegenover elkaar staande verbintenissen waren.
De rechtbank veroordeelde de vennootschap en haar beherend vennoot hoofdelijk tot betaling van de openstaande hoofdsom van EUR 10.699,73, vermeerderd met wettelijke handelsrente vanaf 1 juli 2007 en vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering tot schadevergoeding wegens gebrekkige uitvoering van werkzaamheden werd afgewezen omdat eiser niet in verzuim was gesteld en geen sprake was van verzuim.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de commanditaire vennootschap en haar beherend vennoot tot betaling van openstaande facturen, rente en incassokosten, en wijst de vordering tot schadevergoeding af.