ECLI:NL:RBUTR:2008:BC4162
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs samenscholingsverbod Kanaleneiland-Noord Utrecht
De kantonrechter in Utrecht sprak zeven jongeren vrij die verdacht werden van het overtreden van het samenscholingsverbod in Kanaleneiland-Noord. De jongeren werden aangehouden omdat zij in groepen van meer dan vijf personen op straat stonden, wat volgens de burgemeester verboden was. De rechter oordeelde echter dat enkel met een groep op straat staan niet automatisch samenscholing betekent; er moet sprake zijn van een (dreigende) verstoring van de openbare orde.
De rechter stelde vast dat de tenlastelegging geen aanwijzingen bevatte dat er sprake was van een ordeverstoring. Ook werd het legaliteitsbeginsel besproken, waarbij werd bevestigd dat het samenscholingsverbod in de APV Utrecht een wettelijke basis heeft en niet in strijd is met het bepaaldheidsbeginsel. De uitleg van het begrip samenscholing moet aansluiten bij het algemene spraakgebruik en de achterliggende strekking van de norm.
De kantonrechter verwierp de extensieve uitleg van de burgemeester dat het samenscholingsverbod ook zonder ordeverstoring geldt. Gezien het ontbreken van bewijs voor een (dreigende) ordeverstoring werd verdachte vrijgesproken. De overige verweren behoefden geen bespreking.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van deelname aan een samenscholing met (dreigende) ordeverstoring.