ECLI:NL:RBUTR:2007:BC2180
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen handel in cocaïne gedurende ruim een jaar
De rechtbank Utrecht heeft verdachte veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met artikel 2 onder Pro B en C van de Opiumwet, met betrekking tot de handel in cocaïne in Woerden en het arrondissement Utrecht. De handel vond plaats vanuit de woning van verdachte en op andere locaties, gedurende de periode van 1 juli 2006 tot 13 juli 2007.
De rechtbank oordeelde dat verdachte nauw samenwerkte met medeverdachte en dat de handel in cocaïne wettig en overtuigend bewezen is. Diverse getuigen, waaronder [getuige 1] en [getuige 7], herkenden verdachte als dealer. Verdachte gaf toe betrokken te zijn bij de verkoop, het innen van geld en het vervoeren van cocaïne. De verdediging voerde onder meer aan dat sprake was van medeplichtigheid en niet medeplegen, en dat politie druk had uitgeoefend op getuigen, maar deze verweren werden verworpen.
De rechtbank achtte de pleegperiode ruim een jaar bewezen en legde een gevangenisstraf van 18 maanden op, geheel onvoorwaardelijk, met aftrek van voorarrest. Daarnaast werden diverse goederen verbeurd verklaard en onttrokken aan het verkeer, terwijl andere in beslag genomen goederen aan verdachte werden teruggegeven.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf voor medeplegen van handel in cocaïne.