ECLI:NL:RBUTR:2007:BA7987
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen opschorting bijstandsuitkering
De zaak betreft een verzoek tot schorsing van het besluit van 8 maart 2007 waarbij de opschorting van de bijstandsuitkering van verzoeker is gehandhaafd. Verzoeker wilde het verzoek wijzigen naar schorsing van een later besluit van 13 maart 2007 waarin de bijstandsuitkering is ingetrokken, maar de voorzieningenrechter stond deze wijziging niet toe vanwege wettelijke bepalingen en de goede procesorde.
De voorzieningenrechter overwoog dat het verzoek alleen betrekking kan hebben op het oorspronkelijke opschortingsbesluit en dat schorsing van dit besluit geen uitbetaling van de bijstandsuitkering kan bewerkstelligen nu de uitkering inmiddels is ingetrokken. Daarom zag de rechter geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen.
Het verzoek is afgewezen zonder veroordeling in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door mr. R.P. den Otter op 12 juni 2007.
De procedure vond plaats bij de rechtbank Utrecht, sector bestuursrecht, waarbij verzoeker werd vertegenwoordigd door mr. M.C. Lugard-van Beijma en verweerder door mr. M.J.L. van Wees namens de gemeente Utrecht.
De uitspraak benadrukt de strikte toepassing van artikel 8:81 vierde Pro lid en artikel 6:5 tweede Pro lid van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) met betrekking tot het wijzigen van verzoeken in voorlopige voorzieningsprocedures.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het opschortingsbesluit is afgewezen.