ECLI:NL:RBUTR:2007:BA3564
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M. van Delft-Baas
- Rechtspraak.nl
Beoordeling opzegging associatie- en bewoningsovereenkomst en gebruikersovereenkomst in kloostercomplex
De Stichting [S.] en eiseres sub 2, voorzitter van deze stichting, voerden een associatie- en bewoningsovereenkomst met de Zusters, kerkelijke rechtspersonen die het kloostercomplex beheren. De Zusters zegden deze overeenkomsten op vanwege het niet conformeren van eiseres aan het beleid binnen de communiteit, met name inzake de aanstelling van een niet-religieuze coördinatrice.
De rechtbank stelde vast dat de associatie- en bewoningsovereenkomst een duurovereenkomst van eigen aard is, waarbij opzegging mogelijk is met inachtneming van een redelijke termijn en een voldoende zwaarwegende grond. De Zusters hielden een opzegtermijn van drie maanden aan, welke feitelijk langer was door de uitvoering van een kort geding vonnis.
De rechtbank oordeelde dat het verzet van eiseres tegen het beleid en de leiding binnen de communiteit een voldoende zwaarwegende grond voor opzegging vormt. De gebruikersovereenkomst met Stichting [S.] kon contractueel zonder opgaaf van reden worden opgezegd met drie maanden opzegtermijn, welke ook is nageleefd.
De vordering van Stichting [S.] en eiseres tot schadevergoeding wegens onrechtmatige opzegging werd daarom afgewezen. De kosten van de procedure werden aan Stichting [S.] opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de opzegging van de associatie- en bewoningsovereenkomst en de gebruikersovereenkomst niet onrechtmatig is en wijst de vordering tot schadevergoeding af.