ECLI:NL:RBUTR:2007:BA2329
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.M. Crowe
- R.P. den Otter
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verhoging tarief afvalstoffenheffing niet in strijd met Wet milieubeheer
Eisers hebben beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar waarin hun bezwaar tegen de verhoging van het tarief voor de afvalstoffenheffing voor het jaar 2006 ongegrond is verklaard. De verhoging was mede ingegeven door het vervallen van het gebruikersdeel van de onroerendezaakbelasting (OZB) voor woningen, waardoor de algemene middelen van de gemeente daalden. Verweerder stelde dat de verhoging van 22,83%, waarvan 18,91% verband hield met het vervallen van het gebruikersdeel, binnen de kostendekking bleef en niet werd gebruikt voor andere doeleinden dan het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval.
De rechtbank overwoog dat de Wet milieubeheer geen limiet stelt aan de hoogte van het tarief, maar dat de opbrengst niet meer mag zijn dan de kosten voor het inzamelen en verwerken van afval. De rechtbank vond dat verweerder voldoende had aangetoond dat de geraamde opbrengst niet hoger was dan de geraamde kosten en dat er geen sprake was van willekeurige of onredelijke belastingheffing.
Eisers voerden aan dat de verhoging niet was gerechtvaardigd omdat deze niet alleen de kostenstijging betrof, maar ook het vervallen van het gebruikersdeel van de OZB. De rechtbank stelde vast dat hoewel dit de aanleiding was, de opbrengst van de heffing wel degelijk werd aangewend voor het inzamelen en verwerken van afval. Daarom was er geen reden om het besluit te vernietigen en werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de verhoging van het tarief voor de afvalstoffenheffing wordt ongegrond verklaard.