ECLI:NL:RBUTR:2004:AR3241
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring overeenkomst wegens misleidende informatie over proefabonnement
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of de overeenkomst tussen Intermart B.V. en de gedaagde partij rechtsgeldig was, dan wel nietig verklaard diende te worden wegens misleidende informatie over de aard van het abonnement. De gedaagde voerde aan dat het ging om een proefabonnement dat na een jaar automatisch zou eindigen, tenzij schriftelijk verlengd.
Tijdens de procedure werden meerdere getuigen gehoord, waaronder de gedaagde zelf, zijn echtgenote en medewerkers van Intermart. Uit de verklaringen van de medewerker van Intermart bleek dat bij het sluiten van het contract de indruk werd gewekt dat het een proefjaar betrof zonder abonnementskosten, terwijl feitelijk een abonnement met automatische incasso en stilzwijgende verlenging voor drie jaar werd aangegaan. De verkoper gaf geen informatie over de opzegtermijn of de duur van het contract na het proefjaar.
De kantonrechter oordeelde dat deze informatie misleidend was en dat de gedaagde hierdoor tot het aangaan van de overeenkomst was bewogen. Op grond van artikel 3:44 lid 3 BW Pro werd de overeenkomst vernietigbaar geacht. De vordering van Intermart werd afgewezen en Intermart werd veroordeeld in de kosten van de gedaagde.
Uitkomst: De vordering van Intermart wordt afgewezen en de overeenkomst vernietigd wegens misleiding.