ECLI:NL:RBUTR:2004:AO5514
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag 2004 wegens onvoldoende resultaatgerichtheid en doeltreffendheid
De Stichting PatiëntenPraktijk verzocht om een voorlopige voorziening tegen het besluit van 3 december 2003 waarbij haar subsidieaanvraag voor 2004 werd afgewezen. De rechtbank oordeelde dat de subsidieverlening slechts kan plaatsvinden op basis van een wettelijke grondslag, welke nog ontbrak, maar dat dit formele gebrek verzoekster niet kon worden tegengeworpen gezien het vertrouwen in de bevoegde besluitvorming.
De subsidieaanvraag werd afgewezen op grond van vermoedens dat de organisatie niet resultaatgericht, doelmatig en doeltreffend zou werken in 2004, mede gebaseerd op een evaluatierapport en eerdere ervaringen. De voorzieningenrechter stelde dat voor weigering op grond van artikel 4:35 Awb Pro concrete, op de individuele aanvrager betrekking hebbende aanwijzingen vereist zijn, en dat onvoldoende was aangetoond dat dergelijke aanwijzingen aanwezig waren.
Verder werd overwogen dat de subsidieverlening een discretionaire bevoegdheid is die slechts marginaal wordt getoetst. Gezien de onduidelijkheid en het ontbreken van een voldoende draagkrachtige motivering kon het besluit niet worden gehandhaafd in de voorlopige voorziening. Wel werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoekster.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de subsidieaanvraag 2004 wordt afgewezen.