ECLI:NL:RBUTR:2004:AO2074
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Tien jaar gevangenisstraf voor poging tot doodslag, afpersing en verkrachting in kelderbox
In de nacht van 11 op 12 april 2003 heeft verdachte een vrouw in de kelderbox van haar flat meerdere malen met een mes gestoken en onder bedreiging geld en goederen afhandig gemaakt. Op 17 maart 2003 heeft verdachte een andere vrouw gevolgd tot in een kelderbox, haar vastgebonden met tie-rips, onder bedreiging gedwongen haar portemonnee af te geven en haar verkracht. Verdachte heeft hiermee ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit en bewegingsvrijheid van de slachtoffers.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de feiten heeft gepleegd zoals ten laste gelegd, waaronder poging tot doodslag, afpersing, meervoudige verkrachting en diefstal met geweld. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van tien jaar, waarbij de tijd in voorarrest in mindering wordt gebracht. Verbeurdverklaring van twee zwarte tie-rips werd uitgesproken en teruggave van andere inbeslaggenomen goederen gelast.
De rechtbank wees schadevergoedingen toe aan de slachtoffers: €1.818,80 aan het eerste slachtoffer, €3.597,65 aan het tweede en €2.618,02 aan het derde slachtoffer, deels als voorschot. Voor een deel van de vorderingen werd de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard, omdat die vorderingen alleen bij de burgerlijke rechter kunnen worden ingediend.
De strafmaat werd bepaald gelet op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn gepleegd en de eerdere veroordelingen van verdachte. Verdachte weigerde mee te werken aan psychiatrisch onderzoek, waardoor geen maatregel van ter beschikking stelling werd opgelegd. De uitspraak werd gedaan op 21 januari 2004 door de meervoudige kamer van de rechtbank Utrecht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf voor poging tot doodslag, afpersing, meervoudige verkrachting en diefstal met geweld.