ECLI:NL:RBUTR:2003:AI1639
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.J. Schepen
- L.M.G. de Weerd
- D.C.P.M. Straver
- Rechtspraak.nl
Beoordeling nietigheid en nakoming overeenkomst prijsverhogingen en rolcontainers tussen Inexco en Laurus
In deze zaak staat centraal of de prijsafspraken in artikel 8.2 van de overeenkomst tussen Inexco en Laurus nietig zijn vanwege een vermeend kartel binnen de Nederlandse zuivelindustrie. Laurus stelde dat Inexco betrokken was bij een verboden kartel en dat de prijsafspraken daarom nietig zijn. De rechtbank oordeelt dat Inexco niet betrokken was bij het kartel en dat de prijsafspraken niet in strijd zijn met artikel 81 EG Pro omdat er geen sprake was van een onderling afgestemde feitelijke gedraging tussen Inexco en de Nederlandse zuivelindustrie.
Daarnaast vordert Inexco betaling van onbetaalde facturen over prijsverhogingen en niet geretourneerde rolcontainers. Laurus betwist dit deels en stelt onder meer dat een vaststellingsovereenkomst is gesloten over de rolcontainers. De rechtbank oordeelt dat deze vaststellingsovereenkomst niet is gesloten en dat de administratie van Inexco als volledig bewijs geldt, tenzij Laurus het tegendeel bewijst. Laurus krijgt de gelegenheid inzage te krijgen in de voorraadadministratie van Inexco om dit bewijs te leveren.
De rechtbank stelt vast dat de prijsverhogingen conform artikel 8.2 zijn aangekondigd, maar dat de termijn van drie weken tussen aankondiging en inwerkingtreding in acht moet worden genomen, waardoor betaling pas vanaf 23 december 1995 kan worden gevorderd. De buitengerechtelijke kosten en rente worden eveneens toegewezen voor zover de vordering wordt toegewezen. De verdere beslissing wordt aangehouden om partijen gelegenheid te geven bewijs te leveren en hun vorderingen aan te passen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van Inexco toe voor prijsverhogingen vanaf 23 december 1995 en vergoeding voor niet geretourneerde rolcontainers, onder voorbehoud van bewijslevering door Laurus.