ECLI:NL:RBUTR:2003:AF5867
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Veldhuijzen
- Manuel
- Bruins
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling met ernstig letsel
De rechtbank Utrecht heeft op 13 maart 2003 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van ernstige mishandeling van het slachtoffer met als gevolg ernstig hersenletsel. De tenlastelegging omvatte onder meer het met kracht beetpakken, schudden, slaan en duwen van het slachtoffer.
De verdediging voerde aan dat de dagvaarding op onderdelen niet voldoende feitelijk was omschreven, wat de rechtbank bevestigde door deze onderdelen nietig te verklaren. Verder vond de rechtbank dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs was dat verdachte of zijn medeverdachte de mishandelingen hadden gepleegd die tot het letsel hadden geleid.
De rechtbank achtte het niet bewezen dat verdachte het slachtoffer met kracht had beetgepakt, geschud, geslagen, geduwd of met een voorwerp had getrapt. Ook was niet bewezen dat de dood van het slachtoffer het gevolg was van de tenlastegelegde handelingen. De vordering van de benadeelde partij tot immateriële schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard omdat geen straf of maatregel werd opgelegd.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten en hief het bevel tot voorlopige hechtenis op, met onmiddellijke invrijheidstelling tot gevolg. De vraag hoe het ernstig hersenletsel van het slachtoffer is ontstaan, bleef onbeantwoord.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voor mishandeling met ernstig letsel.