ECLI:NL:RBUTR:2000:AA6589
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling deelname aan criminele organisatie en meervoudige diefstal met braak en inklimming
De rechtbank Utrecht heeft op 10 juli 2000 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte die deelnam aan een criminele organisatie gericht op het plegen van bedrijfsinbraken en daartoe dienstige misdrijven. Na meerdere zittingen tussen april 1999 en juni 2000 werd verdachte veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf.
De rechtbank oordeelde dat verdachte strafbaar was voor deelname aan een criminele organisatie en diverse diefstallen door twee of meer verenigde personen, waarbij braak en inklimming werden gebruikt. De bewezenverklaring omvatte meerdere feiten die als voortgezette handelingen werden beschouwd. Vrijspraak werd gegeven voor enkele primair tenlastegelegde feiten die niet wettig en overtuigend waren bewezen.
De verdediging voerde onder meer niet-ontvankelijkheid aan vanwege de rol van verdachte als informant/infiltrant en onrechtmatige bewijsgaring, maar deze verweren werden door de rechtbank verworpen. De rechtbank achtte de strafbaarheid van verdachte aannemelijk en wees op zijn essentiële technische rol binnen de organisatie.
Bij de strafoplegging werd rekening gehouden met de ernst van de feiten, de professionele opzet en de eerdere veroordelingen van verdachte. Daarnaast werd besloten tot teruggave van een inbeslaggenomen honkbalknuppel aan verdachte. De tijd in voorlopige hechtenis werd in mindering gebracht op de opgelegde straf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf voor deelname aan een criminele organisatie en meervoudige diefstal.