ECLI:NL:RBUTR:1999:AA4444
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. van Kerkhoven
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Vaststelling ingangsdatum loonsuppletie na late aanvraag wegens gewekte verwachtingen
Eiser ontving een ontslaguitkering en werkte daarnaast parttime als leraar. Na aanvaarding van een nieuwe functie als pastoraal werker per 1 september 1995, diende eiser een aanvraag voor loonsuppletie in, die verweerder pas per 1 juli 1996 toekende vanwege overschrijding van de aanvraagtermijn.
Verweerder had eiser echter meerdere malen onjuiste beschikkingen gestuurd waarin werd aangegeven dat het wachtgeld niet zou worden beëindigd, waardoor eiser niet tijdig een aanvraag voor loonsuppletie indiende. De rechtbank oordeelt dat verweerder hierdoor gerechtvaardigde verwachtingen bij eiser heeft gewekt.
De rechtbank acht het onaanvaardbaar dat verweerder vasthoudt aan de ingangsdatum 1 juli 1996, omdat dit in strijd is met het beginsel van behoorlijk bestuur. Verweerder wordt veroordeeld de loonsuppletie met terugwerkende kracht toe te kennen en in de proceskosten te voorzien.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot loonsuppletie per 1 juli 1996 wordt vernietigd vanwege strijd met het beginsel van gerechtvaardigde verwachtingen.