ECLI:NL:RBSHE:2012:BX7305
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen prestatietoeslag toegekend in strijd met goed werkgeverschap
Werknemer sloot in 2006 een arbeidsovereenkomst met werkgever voor de functie van rayonmanager, met daarin een winstdelingsregeling inclusief een discretionaire prestatietoeslag van maximaal 0,06% van de winst voor belasting. In 2010 ontving werknemer de winstuitkering, maar geen prestatietoeslag vanwege vermeend onvoldoende functioneren.
De werkgever stelde dat de directeur verkoop de discretionaire bevoegdheid had om de prestatietoeslag toe te kennen, waarbij ook andere, niet nader gespecificeerde criteria een rol konden spelen. Werknemer betwistte het onvoldoende functioneren en stelde dat er geen criteria waren vastgelegd voor de toekenning van de toeslag.
De rechtbank oordeelde dat bij gebrek aan vastgelegde criteria een redelijk werknemer mag verwachten dat de prestatietoeslag afhankelijk is van de geleverde prestatie, in het algemeen de bijdrage aan de organisatie. Omdat de werknemer in 2010 gemiddeld presteerde en andere rayonmanagers de toeslag wel ontvingen, was het niet toekennen willekeurig en in strijd met goed werkgeverschap.
De werkgever werd veroordeeld tot betaling van de prestatietoeslag van € 2.463,-, vermeerderd met wettelijke verhoging en rente vanaf 1 mei 2011, alsmede in de proceskosten. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van prestatietoeslag met wettelijke verhoging en rente wegens willekeur en strijd met goed werkgeverschap.