ECLI:NL:RBSHE:2012:BV9069
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzekeraar moet bewijzen dat wijziging CAR-polisvoorwaarden verzekerde heeft bereikt
In deze civiele zaak staat centraal of de verzekeraar terecht dekking weigert op grond van niet-naleving van aanvullende voorwaarden van een CAR-polis door de verzekerde. De verzekeraar had de gewijzigde voorwaarden niet rechtstreeks aan de verzekerde, maar aan diens tussenpersoon, ABN AMRO, toegezonden. De verzekerde betwist dat hij de voorwaarden heeft ontvangen en beroept zich op nietigheid of buitenbeschouwing laten van die voorwaarden op grond van redelijkheid en billijkheid.
De rechtbank overweegt dat het schriftelijkheidsvereiste van poliswijzigingen inhoudt dat de verzekeraar de polis en wijzigingen daarvan rechtstreeks aan de verzekerde moet toezenden. Toezending aan de tussenpersoon is onvoldoende, tenzij de verzekerde een volmacht heeft gegeven, wat hier niet is aangetoond. De verzekeraar draagt de bewijslast dat de voorwaarden de verzekerde hebben bereikt.
Daarnaast is beoordeeld of het beroep op de aanvullende voorwaarden onaanvaardbaar is op grond van redelijkheid en billijkheid, bijvoorbeeld omdat het niet-naleven van de voorwaarden niet de oorzaak of mede-oorzaak van de schade is. De verzekerde heeft dit onvoldoende onderbouwd, mede omdat deskundigenrapporten aantonen dat bij correcte naleving van de voorwaarden de schade mogelijk beperkt had kunnen worden.
De rechtbank bepaalt dat de verzekeraar bewijs moet leveren dat de verzekerde bekend was met de aanvullende voorwaarden. De zaak wordt aangehouden voor bewijslevering en verdere behandeling. Het tussenvonnis benadrukt het belang van directe communicatie van poliswijzigingen aan de verzekerde en de bewijslast die de verzekeraar draagt.
Uitkomst: De verzekeraar moet bewijzen dat de aanvullende polisvoorwaarden de verzekerde hebben bereikt; anders kan zij zich niet beroepen op niet-naleving.