ECLI:NL:RBSHE:2011:BU4288
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herstel recht op werkleeraanbod en inkomensvoorziening ondanks gezamenlijke huishouding
Eiseres ontving een uitkering op grond van de Wet investeren in jongeren (WIJ) als alleenstaande ouder. Verweerder trok haar werkleeraanbod en inkomensvoorziening in omdat eiseres een gezamenlijke huishouding zou voeren met haar partner, wat volgens verweerder het recht op deze voorzieningen uitsloot.
De rechtbank stelde vast dat eiseres en haar partner inderdaad een gezamenlijke huishouding voerden, gebaseerd op verklaringen en onderzoeksbevindingen, waaronder het verblijf van de partner in de woning en wederzijdse verzorging. Echter, de rechtbank oordeelde dat dit niet automatisch het recht op een werkleeraanbod en inkomensvoorziening voor een alleenstaande ouder uitsluit.
De rechtbank verwees naar relevante wetsartikelen die bepalen dat het inkomen en vermogen van de partner geen rol spelen bij het recht op werkleeraanbod, en dat de inkomensvoorziening naar de norm voor een alleenstaande ouder behouden blijft indien de partner geen recht heeft op een dergelijke voorziening.
Omdat verweerder geen onderzoek had gedaan naar het inkomen en vermogen van de partner, kon niet worden vastgesteld of de intrekking van de inkomensvoorziening terecht was. Daarom werd het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
De rechtbank veroordeelde verweerder tevens in de proceskosten en bepaalde dat het betaalde griffierecht aan eiseres wordt vergoed.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van het werkleeraanbod en de inkomensvoorziening wordt vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen.