ECLI:NL:RBSHE:2011:BT8989
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.B.M. Bruens
- M.Th. van Vliet
- W.T.A.M. Verheggen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens gebrek aan geloofwaardige bewijzen bij beschuldiging wederrechtelijke vrijheidsberoving
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van het wederrechtelijk vrijheidsberoven van twee personen in de periode van 28 januari tot 1 februari 2009. De tenlastelegging betrof onder meer het onder valse voorwendselen in een bus lokken, vervoeren naar locaties, mishandelen, vastbinden en bedreigen met een vuurwapen.
Tijdens de terechtzitting op 14 oktober 2011 werd vastgesteld dat de dagvaarding geldig was en dat de rechtbank bevoegd was. De officier van justitie achtte het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen, terwijl de verdediging stelde dat de aangiftes van de aangevers niet betrouwbaar waren, mede omdat deze pas weken na het vermeende delict waren opgenomen en de aangevers later hun verklaringen introkken of als verzonnen bestempelden.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van de aangevers niet geloofwaardig waren, mede vanwege de late aangiftes, de betrokkenheid van de aangevers bij een eerdere vechtpartij en het vermoeden van rancune en afstemming tussen de aangevers. Hierdoor werd het tenlastegelegde niet wettig en overtuigend bewezen geacht en werd verdachte vrijgesproken van de tenlastelegging.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van wederrechtelijke vrijheidsberoving.