ECLI:NL:RBSHE:2010:BN4522
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onvoldoende onderbouwing in Ponzi-zwendelzaak over €26 miljoen
Eisers, waaronder een natuurlijke persoon en een rechtspersoon gevestigd op de Britse Maagdeneilanden, vorderden vergoeding van €26 miljoen die zij via een zogenoemde Ponzi-zwendel verloren. Zij stelden dat gedaagde, een in Nederland wonende Italiaan, contractspartij was en aansprakelijk op grond van een overeenkomst of onrechtmatige daad.
De rechtbank oordeelde dat de stelling dat gedaagde als contractspartij kan worden beschouwd op grond van artikel 3:70 BW Pro onvoldoende was onderbouwd. Eisers hadden geen overtuigend bewijs geleverd dat gedaagde de overeenkomst namens een bestaande rechtspersoon had gesloten, noch dat hij aansprakelijk was voor de schade.
Ook de vorderingen op grond van onrechtmatige daad en wanprestatie werden afgewezen, omdat eisers onvoldoende feiten en omstandigheden hadden toegelicht die gedaagde als hoofdverantwoordelijke voor de zwendel konden aanwijzen. Daarnaast was onduidelijk welke schade precies aan gedaagde kon worden toegerekend.
De rechtbank veroordeelde eisers in de proceskosten en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. De zaak betreft een complexe internationale belegging met meerdere betrokken partijen en een civiele procedure in Thailand tegen de vennootschap Master EPG en haar bestuurder.
Uitkomst: Alle vorderingen van eisers werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en bewijs.