ECLI:NL:RBSHE:2009:BK8347
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.J. de Lange
- M.L.P. van Cruchten
- F.P.J.M. Otten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over bijdrage in excessieve archeologische opgravingskosten gemeente Boxmeer
De gemeente Boxmeer heeft een aanvraag ingediend voor een bijdrage in excessieve kosten van archeologisch onderzoek in verband met de ontwikkeling van het bedrijvenpark Sterckwijck. De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap kende een bijdrage van €69.866 toe, gebaseerd op een vergelijking van de aanvankelijk geraamde kosten en de gemeentelijke eigen bijdrage.
De gemeente stelde in bezwaar dat de werkelijke kosten lager waren dan aanvankelijk geraamd en dat de minister geen rekening had gehouden met deze gewijzigde kosten. De rechtbank oordeelt dat er geen wettelijke bepaling is die de minister verhindert om in de bezwaarprocedure met deze lagere kosten rekening te houden. Dit wordt ondersteund door artikel 22 van Pro het Bekostigingsbesluit cultuuruitingen, dat voorschrijft dat subsidieontvangers wijzigingen tijdig moeten melden.
De rechtbank concludeert dat de minister niet heeft gehandeld conform artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht door geen nader onderzoek te verrichten naar de gewijzigde omstandigheden. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de minister opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van de minister wordt vernietigd en de minister wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen waarbij rekening wordt gehouden met de lagere werkelijke kosten.