ECLI:NL:RBSHE:2009:BH3548
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vertrouwensbeginsel bij wijziging requisitoir in ontnemingsprocedure
In deze strafzaak stond de vraag centraal of het Openbaar Ministerie (OM) niet-ontvankelijk verklaard moest worden in een ontnemingsvordering vanwege het schenden van het vertrouwensbeginsel. De verdediging baseerde zich op eerdere mededelingen van de zaaksofficier dat tot afwijzing van de ontnemingsvordering zou worden gerequireerd, waarop de verdediging vertrouwen had gesteld.
Tijdens de terechtzitting bleek dat het OM van standpunt was veranderd en de ontnemingsvordering alsnog inhoudelijk wilde behandelen. De rechtbank overwoog dat het vertrouwensbeginsel weliswaar was geschonden wat betreft de inhoud van het requisitoir, maar dat dit niet leidde tot niet-ontvankelijkheid omdat het niet ging om het aanhangig maken van de vordering zelf.
De rechtbank benadrukte dat het OM eerst een weloverwogen standpunt moet innemen alvorens naar buiten te treden en dat de strafrechter een eigen verantwoordelijkheid heeft bij de beoordeling van de ontnemingsvordering. De behandeling van de ontnemingsvordering werd aangehouden om partijen schriftelijk hun standpunten te laten toelichten, waarna een nieuwe zitting zal worden gepland.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat het vertrouwensbeginsel is geschonden maar wijst het verweer tot niet-ontvankelijkheid van het OM af en houdt de behandeling van de ontnemingsvordering aan.