ECLI:NL:RBSHE:2008:BG4917
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Beslissing gegrondverklaring bezwaar tegen DNA-afname minderjarige wegens geringe relevantie
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde op 14 november 2008 het bezwaarschrift van een minderjarige veroordeelde tegen de afname en verwerking van zijn DNA-profiel. De veroordeelde was op 3 maart 2008 veroordeeld voor het medeplegen van opzettelijk brandstichten, een misdrijf met potentieel groot gevaar, maar de rechtbank kwalificeerde het feit als een eenmalige jeugdige misstap.
De raadsvrouwe van de minderjarige voerde aan dat het bevel tot DNA-afname niet aan haar was toegezonden, wat strijdig was met waarborgen voor minderjarigen. Hoewel dit bezwaar verviel omdat tijdig een klaagschrift was ingediend, stelde zij dat de uitzondering van artikel 2, eerste lid onder b van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden van toepassing was, omdat er geen opsporingsbelang of recidivegevaar bestond.
De rechtbank oordeelde dat de afname van DNA-materiaal niet van betekenis zou zijn voor de opsporing, vervolging of berechting, mede gelet op de aard van het delict en de persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde. Daarom werd het bezwaar gegrond verklaard en werd vernietiging van het afgenomen DNA-materiaal bevolen.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de DNA-afname wordt gegrond verklaard en het afgenomen DNA-materiaal wordt vernietigd.