ECLI:NL:RBSHE:2008:BD0619
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst hooggeplaatste medewerker met aangepaste vergoeding
De zaak betreft de ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een hooggeplaatste medewerker binnen een groot concern. De werkgever stelde dat het functioneren van de medewerker sinds 2006 onvoldoende was, wat leidde tot het neerleggen van zijn functie en het zoeken naar een andere passende functie binnen of buiten het bedrijf. De medewerker betwistte dit functioneren en stelde dat hij juist een doorstroomfunctie had binnen het concern.
Na langdurige onderhandelingen en het volgen van een outplacementtraject, dat niet tot een passende functie leidde, heeft de werkgever een verzoek tot ontbinding ingediend. De kantonrechter oordeelde dat er sprake was van gewichtige redenen in de zin van artikel 7:685 lid 2 BW Pro, waardoor ontbinding gerechtvaardigd was. De kantonrechter stelde vast dat de kantonrechtersformule niet als dwingende hoofdregel geldt bij een dergelijke hoge functie, maar slechts als leidraad.
De vergoeding werd vastgesteld op €550.000 bruto, rekening houdend met het hoge salaris, de verwijtbaarheid van partijen en de moeizame onderhandelingen. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 maart 2008, met compensatie van proceskosten waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 maart 2008 met een bruto vergoeding van €550.000.