ECLI:NL:RBSHE:2007:BC0421
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- I.M. Nusselder
- A.F. van Hoorn
- C.B.M. Bruens
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak primair en veroordeling subsidiair voor verkeersovertreding met gevaar en hindering
Op 6 mei 2007 vond te 's-Hertogenbosch een verkeersongeval plaats waarbij verdachte betrokken was als bestuurder van een motorrijtuig. Verdachte werd primair ten laste gelegd dat hij roekeloos en onvoorzichtig handelde door zonder voldoende uit te kijken een verkeersrotonde te verlaten, waardoor een bromfietser en diens passagier zwaar lichamelijk letsel opliepen.
Tijdens de terechtzitting op 5 december 2007 oordeelde de rechtbank dat het primair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen kon worden. Het enkel niet naar links kijken bij het verlaten van de rotonde kwalificeerde niet als roekeloosheid. Subsidiair werd bewezen verklaard dat verdachte zonder voldoende uit te kijken en zonder voorrang te verlenen gevaar en hinder op de weg veroorzaakte.
De rechtbank veroordeelde verdachte voor het subsidiaire feit tot een geldboete van 300 euro, subsidiair 6 dagen hechtenis, en een voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid voor motorrijtuigen voor drie maanden met een proeftijd van twee jaar. De straf weerspiegelt de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, die niet eerder voor soortgelijke feiten was veroordeeld.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van roekeloosheid, maar veroordeeld voor het veroorzaken van gevaar en hinder met een geldboete, hechtenis en een voorwaardelijke rijontzegging.