ECLI:NL:RBSHE:2004:AO8258
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.W. Govers
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing van vakantiedag bij werkloosheid en WW-uitkering
Eiseres werd volgens eigen opgave op 27 mei 2003 werkloos en vertrok diezelfde dag om 21.00 uur met het vliegtuig op vakantie. Verweerder stelde dat zij vanaf die dag op vakantie was en daarom geen recht had op WW-uitkering. De rechtbank constateerde dat niet duidelijk was of 27 of 28 mei als eerste werkloosheidsdag gold, maar ging uit van 27 mei 2003.
De kern van het geschil betrof de vraag of eiseres op 27 mei reeds vakantie genoot zoals bedoeld in artikel 19 lid 1 sub k van Pro de WW. De rechtbank vond dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar het feit of eiseres die dag al vakantievoorbereidingen trof en oordeelde dat het vertrek om 21.00 uur onvoldoende was om die dag als vakantiedag te kwalificeren.
Het besluit werd vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel, maar de rechtsgevolgen bleven in stand. De rechtbank nam daarbij mee dat eiseres op haar werkbriefje had aangegeven niet te solliciteren vanwege vakantie, waardoor zij op 27 mei niet beschikbaar was voor arbeid en die dag niet als eerste werkloosheidsdag kon gelden.
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende onderzoek naar vakantiegenot op de eerste werkloosheidsdag.