ECLI:NL:RBSHE:2002:AI0691
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.W.P. van Gelder
- Rechtspraak.nl
Ontheffing van het ouderlijk gezag en benoeming voogd over minderjarigen
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde op 18 februari 2002 een verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming tot ontheffing van het ouderlijk gezag van moeder en stiefvader over de minderjarigen D en Z. De minderjarigen verblijven sinds 1991, met een korte onderbreking, onafgebroken in een pleeggezin waar zij zich veilig en gehecht voelen. De moeder en stiefvader oefenden formeel het gezag uit, maar konden door de langdurige pleegzorg geen invulling geven aan hun opvoedingsverantwoordelijkheid.
De Stichting Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming hebben meerdere pogingen gedaan om de relatie tussen moeder en kinderen te herstellen, maar dit is niet gelukt. De kinderen zelf wensen bij hun pleegouders te blijven en stemmen in met de ontheffing. De rechtbank acht het belang van continuïteit, veiligheid en hechting in het pleeggezin zwaarder dan het belang van moeder en stiefvader en wijst het verzoek toe.
De rechtbank benoemt de Stichting Jeugdzorg als voogd en bepaalt dat moeder en stiefvader verantwoording moeten afleggen over het bewind aan de voogd. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad. De ontheffing betekent geen wijziging in de bezoekregeling; moeder moet deze zelf organiseren en naleven. De rechtbank benadrukt dat herstel van de ouder-kindrelatie mogelijk blijft indien omstandigheden veranderen.
Uitkomst: De rechtbank ontheft moeder en stiefvader van het ouderlijk gezag en benoemt de Stichting Jeugdzorg als voogd over de minderjarigen.