ECLI:NL:RBSHE:2002:AF0236
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C.A.M. Claassens
- M.E. Bartels
- A.W.H. van Velzen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte ontuchtige handelingen met verstandelijk beperkte cliënten
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van ontuchtige handelingen met vier cliënten in de periode van 1999 tot 2001, allen verstandelijk beperkt en onder haar zorg. De tenlasteleggingen betroffen onder meer het aanraken en stimuleren van de cliënten op seksuele wijze.
De officier van justitie vorderde vervolging, maar verdachte ontkende de beschuldigingen consequent en gemotiveerd. De rechtbank nam kennis van de verklaringen van de betrokken cliënten, maar stelde vast dat deze personen moeilijk te verhoren waren, licht tot matig verstandelijk gehandicapt en sterk beïnvloed konden zijn door derden en elkaar. Daarnaast ontbrak direct bewijs.
De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende overtuigend was om de tenlastegelegde feiten bewezen te verklaren. Ook werd de vordering van een benadeelde partij niet ontvankelijk verklaard omdat verdachte vrijgesproken werd van het betreffende feit. De rechtbank wees de vordering van de officier van justitie af en sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende overtuigend bewijs van ontuchtige handelingen met cliënten.