ECLI:NL:RBSHE:2002:AE8166
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid en opheffing conservatoir derdenbeslag in bouwgeschil
In deze kort geding procedure staat de vraag centraal of eiser, als enig bestuurder en aandeelhouder van S-G-een B.V., persoonlijk aansprakelijk is voor een door gedaagde gevorderde schade wegens niet-betaling van bouwfacturen. Gedaagde had een arbitrageprocedure gewonnen tegen S-G-een, maar S-G-een is financieel niet in staat te voldoen. Gedaagde legde conservatoir derdenbeslag onder huurders en een bank van eiser.
Eiser vordert opheffing van het beslag omdat de vordering ondeugdelijk zou zijn en het beslag disproportioneel en onredelijk bezwarend. Gedaagde vordert in reconventie een voorschot op de schadevergoeding op grond van bestuurdersaansprakelijkheid. De rechter overweegt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de transactie waarbij hij privé onroerend goed van S-G-een kocht onvoorzienbare kosten en betalingsonmacht veroorzaakte.
De rechter oordeelt dat niet summierlijk is gebleken van ondeugdelijkheid van de vordering en dat het beslag noodzakelijk is ter verzekering van verhaal. De complexiteit van bestuurdersaansprakelijkheid maakt een beoordeling in kort geding niet mogelijk, zodat het voorschot wordt afgewezen. Beide vorderingen worden afgewezen en proceskosten gecompenseerd.
Uitkomst: Vorderingen tot opheffing beslag en voorschot schadevergoeding worden afgewezen; proceskosten worden gecompenseerd.