ECLI:NL:RBSHE:2002:AD9966
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Cruchten
- Roosmale Nepveu
- Koster-Van der Linden
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en voorwaardelijke gevangenisstraf wegens schending geheimhouding door openbaarmaking vertrouwelijke documenten
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde de zaak tegen verdachte die ervan werd verdacht vertrouwelijke documenten, waaronder een Concept-Statenvoorstel en een Memorandum of Understanding, openbaar te hebben gemaakt terwijl deze geheim waren verklaard door Gedeputeerde Staten.
De rechtbank oordeelde dat verdachte opzettelijk het geheim heeft geschonden door de documenten te citeren, in te zien te geven en te publiceren op het internet in de periode van 5 tot en met 18 juni 2001. Het verweer van de raadsman dat de geheimhouding ten onrechte was opgelegd en dat sprake zou zijn van overmacht in de vorm van noodtoestand werd verworpen. De rechtbank stelde dat de bestuursrechtelijke weg voor opheffing van de geheimhouding openstond en dat verdachte deze niet had bewandeld.
Hoewel verdachte strafbaar werd verklaard voor het bewezenverklaarde feit, sprak de rechtbank verdachte vrij van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 3 maanden op, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, waarbij geen geldboete werd opgelegd. De straf weerspiegelt de ernst van het feit en het belang om herhaling te voorkomen, mede omdat verdachte het onjuiste van zijn handelen niet inziet.
Uitkomst: Verdachte krijgt een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaar wegens opzettelijke schending van geheimhouding.