ECLI:NL:RBSHE:2000:AB1829
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.W. Brunt
- T.W.J. de Ruiter-Phaff
- D.J. Hutten
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatig ontslag plaatsvervangend inspecteur bij varkenspestbestrijding
Eiser was sinds 1985 plaatsvervangend inspecteur bij de RVV en werd ingezet bij de bestrijding van de varkenspest. In februari 1997 ontstond een conflict met de coördinator levende keuring, waarna eiser werd weggestuurd en niet meer werd opgeroepen voor werkzaamheden, ondanks dat er voldoende werk was en hij beschikbaar was.
Het besluit van 27 maart 1997 om eiser niet langer in te schakelen was gebaseerd op een rapport van de coördinator, dat later werd ingetrokken en erkend werd dat eiser geen verwijt trof. Verweerder heeft niet de juiste ontslagprocedures gevolgd en heeft het ontslagbesluit later als niet geschreven beschouwd.
De rechtbank stelt dat de schorsing door de coördinator onrechtmatig was, omdat deze niet bevoegd was tot schorsing. Verweerder had eiser moeten blijven inzetten zolang er werk was. Door het onrechtmatig handelen heeft eiser gedurende 12 weken inkomsten misgelopen.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en gelast verweerder een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld het door eiser betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het besluit om eiser niet langer in te schakelen bij de varkenspestbestrijding is onrechtmatig en wordt vernietigd met veroordeling tot vergoeding van gederfde inkomsten.