ECLI:NL:RBSGR:2012:BY7512
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens onvoldoende gezinsband en zorgvuldigheid gehoor op ambassade
Eisers, waaronder een moeder en haar minderjarige kinderen, vroegen een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aan in het kader van nareis asiel. De Minister van Buitenlandse Zaken wees dit af omdat eisers niet aannemelijk hadden gemaakt dat zij feitelijk tot het gezin van de referent behoorden. De rechtbank toetste dit besluit.
De rechtbank oordeelde dat de gehoren op de Nederlandse ambassade in Addis Abeba zorgvuldig waren afgenomen, met voldoende rekening gehouden met de leeftijd van de kinderen. De deskundigheid van de hoormedewerker en de integriteit van de tolk werden voldoende onderbouwd. Eisers konden in bezwaar hun standpunten naar voren brengen en hadden geen recht op correcties op de verslagen van de gehoren.
De rechtbank vond dat de tegenstrijdigheden in de verklaringen van eisers en referent over de gezinssituatie en verblijfplaatsen voldoende reden gaven om de gezinsband niet aannemelijk te achten. Ook de algemene veiligheidssituatie in Mogadishu was niet relevant voor de beoordeling. Het beroep op artikel 8 EVRM Pro en de Gezinsherenigingsrichtlijn faalde, evenals het betoog dat het beleid willekeurig was of dat een DNA-onderzoek had moeten plaatsvinden.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde de afwijzing van de mvv-aanvraag.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit bevestigd.