ECLI:NL:RBSGR:2012:BY3983
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Uitleg en reikwijdte erfdienstbaarheid recht van weg voor kampeer- en zomerhuizenterrein
Eiseres vorderde een verklaring dat de erfdienstbaarheid van weg ten laste van haar perceel niet gebruikt mag worden voor een opslagterrein of kampeer- en zomerhuizenterrein, en een verbod daarop met dwangsom. Gedaagden, mede-eigenaren van het heersende erf, stelden dat zij de weg nodig hebben voor hun kampeer- en zomerhuizenterrein.
De rechtbank stelde vast dat de erfdienstbaarheid in 1917 werd gevestigd ten behoeve van percelen die toen als landbouwgrond werden gebruikt, maar dat de akte geen beperking bevatte tot landbouwgebruik. Sinds 1974 werd het perceel van gedaagden als camping gebruikt, zonder dat dit gebruik door de toenmalige eigenaar van het dienende erf werd tegengesproken, wat volgens artikel 5:73 lid 1 BW Pro betekent dat het gebruik te goeder trouw is.
De rechtbank concludeerde dat het langdurige, te goeder trouw gedogen van het gebruik van de weg voor het kampeerterrein de inhoud van de erfdienstbaarheid heeft bepaald. Het feit dat het kampeerterrein aanvankelijk mogelijk illegaal werd geëxploiteerd en later een bestemmingswijziging kreeg, doet hieraan niet af. De vorderingen van eiseres werden daarom afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen af en bevestigt het gebruik van de erfdienstbaarheid voor kampeer- en zomerhuizenterrein.